Laatste informatie omtrent de teruggaaf van sociale contributies

Laatste informatie omtrent de teruggaaf van sociale contributies betaald over vermogenswinsten bij verkoop van Frans onroerend goed

Ter aanvulling op onze laatste nieuwsbrief waarin wij u op de hoogte brachten van de stand van zaken betreffende de teruggaaf van onterecht betaalde sociale contributies (arrest De Ruyter) brengen wij graag nog het volgende onder uw aandacht.

Bij verkopen die nog vóór het einde van het jaar zullen plaats vinden wordt de Franse notaris geacht de sociale contributies op de verkoopprijs in te houden en af te dragen aan de Franse belastingdienst. De sociale contributies bedragen in totaal 15,5% over de gecorrigeerde winst. Echter, in een recent persbericht van de belastingdienst omtrent de gevolgen van het arrest De Ruyter staat vermeld dat de zgn. ‘prélèvement de solidarité’ van 2% (onderdeel van het totale percentage van 15,5%) niet de Franse sociale zekerheid financiert en dus ook niet wordt teruggegeven! Bij een succesvolle bezwaarprocedure wordt dus niet 15,5% teruggegeven, maar 13,5%.

De laatste weken is het Franse notariaat geconfronteerd met het verzoek van verkopers, woonachtig binnen de EU, om de sociale contributies in het geheel niet aan de belastingdienst af te dragen, teneinde te voorkomen dat er alsnog een bezwaarschrift zou moeten worden ingediend. Niet alle notarissen waren bereid hieraan mee te werken. Om een einde te maken aan de discussie hieromtrent heeft de heer Tartinville, directeur général van de Conseil Supérieur du Notariat de vraag voorgelegd aan de belastingdienst en ontving hij de bevestiging dat de Franse notarissen niet langer de sociale contributies behoeven af te dragen als gevolg van het arrest De Ruyter! Verkoopt u dus tussen nu en het einde van het jaar dan voorkomt u een bezwaarschrift en bespaart u 15,5%, alhoewel de belastingdienst er nog van uitgaat dat de 2% ‘prélèvement de solidarité’ wel verschuldigd is. Eigenlijk zou de Franse notaris uit voorzorg de ‘prélèvement de solidarité’ wel moeten afdragen, maar in de praktijk gebeurt dat niet.

Helaas is dit belastingvoordeel van korte duur, want zoals opgemerkt in onze vorige nieuwsbrief gaat de wet per 1 januari 2016 weer wijzigen. Vanaf die datum betaalt iedereen gewoon weer 15,5% en zal er wellicht weer een lange procedure moeten worden gevoerd om te proberen ook deze nieuwe maatregel weer van tafel te krijgen.

Mr Albert Mulder, lid van het Heering Associates Kennisnetwerk signaleert nog een ander belangrijk punt: er gloort misschien nog wat licht aan de horizon indien u in de tweede helft van 2012 hebt verkocht en nog geen bezwaarschrift hebt ingediend. De belastingdienst heeft namelijk in een officieel persbericht laten weten dat de bezwaarmogelijkheid bestaat voor vermogenswinsten gerealiseerd vanaf 1 januari 2013. Het belastingjaar 2012 is volgens dit persbericht dus officieel verjaard. Op 6 november j.l. echter heeft de parlementariër Arnaud Leroy in een brief aan de Staatssecretaris van Financiën, de heer Christian Eckert, verzocht om gelijke behandeling van eenieder die ten onrechte sociale contributies heeft betaald, ook als het dossier eigenlijk is verjaard. Er is nog geen officiële reactie van het Ministerie van Financiën, maar de heer Christian Eckert zou positief op het verzoek hebben gereageerd. Wij raden u dus aan om ook voor 2012 nog een bezwaarschrift in te dienen en wel vóór het einde van dit jaar. Een dergelijk bezwaarschrift moet uiteraard correct worden opgesteld en wij zijn u daar graag bij van dienst.

Teruggaaf van sociale contributies

Teruggaaf van sociale contributies betaald over vermogenswinsten bij verkoop van Frans onroerend goed; eindelijk een reactie van de Franse belastingdienst

Op 26 februari j.l. had het Hof van Justitie van Europa in Luxemburg al een principe uitspraak gedaan (In zaak C-623/13 Ministre de l’Economie et des finances tegen Gerard de Ruyter) dat Frankrijk niet het recht heeft om sociale contributies op te leggen over inkomsten van personen die niet verplicht sociaal verzekerd zijn in Frankrijk, maar in een andere EU- lidstaat. Dit werd in juli zelfs opnieuw formeel vastgelegd in een arrest van de Franse Conseil d’Etat (Raad van State) en daarmee leek de vraag beslecht in hoeverre een niet- inwoner van Frankrijk, woonachtig binnen de EU, zijn ten onrechte betaalde sociale contributies (tarief 15,5%) van de belastingdienst terug zou moeten krijgen. Gek genoeg gebeurde er toen helemaal niets. De belastingdienst gaf simpelweg aan dat geen instructies waren ontvangen en was niet bereikbaar voor commentaar. Dat stilzwijgen heeft erg lang geduurd.

Eindelijk is er dan nu een officiële reactie van de belastingdienst, waarin de Franse belastingdienst heeft bevestigd dat u inderdaad bezwaar kunt maken. U moet echter wel kunnen aantonen dat u op het moment van verkoop verplicht verzekerd was in een ander land dan Frankrijk. Er geldt dus een bewijslast die de belastingdienst bij u neerlegt. In de praktijk blijkt het niet altijd eenvoudig te zijn om uw bewijslast rond te krijgen.

Vervelender nog is dat de belastingdienst veelal extra vragen stelt alvorens het bezwaarschrift daadwerkelijk te behandelen. Vooral als het om een wat grotere teruggaaf gaat. De fiscus kijkt in dat geval veelal met haviksogen naar het dossier en zal er alles aan doen om via een andere weg alsnog belasting op te kunnen leggen. U moet dan bijvoorbeeld denken aan een naheffing van vermogensbelasting (met een forse boete en naheffingsrente). Het is dus noodzakelijk om een gedegen strategie uit te stippelen en niet simpelweg een summier bezwaarschriftje in te sturen.

De kernvraag is waarom de belastingdienst nu pas reageert. Mr. Albert MULDER, advocaat in Frankrijk en lid van het Heering Kennisteam, is van mening dat dit voorkomt uit het feit dat de fiscus rustig heeft gewacht op instructies van hogerhand. Het lijkt verdacht veel op struisvogelpolitiek, maar dat is alleen maar schijn. In de tussentijd heeft het Franse Ministerie van Financiën de tijd genomen om de zaak te bestuderen en er ligt nu een wetsvoorstel waarbij vanaf 1 januari 2016 de sociale contributies via een achterdeur gewoon weer kunnen worden opgelegd! Het geld wordt in de toekomst niet langer aangewend voor de Franse sociale zekerheid (hetgeen strijdig is met EU-recht), maar wordt toegeschreven aan een zgn. ouderdomsfonds (Fonds de solidarité vieillesse), dat geen recht geeft op sociale zekerheid. De Franse overheid is er van overtuigd dat dit niet in strijd is met het Europese recht, maar wij vragen ons nu al af of ook deze nieuwe regeling wel stand gaat houden voor het Hof van Justitie van Europa. Het betekent wel een nieuwe procedure die weer vele jaren zal gaan duren. De Franse overheid probeert opnieuw tijd (en dus geld) te winnen. Het risico dat de Franse staat in de toekomst misschien opnieuw terug moet gaan betalen neemt men blijkbaar op de koop toe.

Feit is dat het allemaal met de Franse slag gaat en dat men bij de belastingdienst nu eindelijk onderkent dat terug betaald moet worden, maar als het even kan zo laat mogelijk! Indien u in 2012 hebt verkocht en nog geen bezwaarschrift hebt ingediend dan bent u helaas te laat. Voor het belastingjaar 2013 dient het bezwaarschrift vóór 31 december 2015 te worden ingediend. Mocht u in 2014 of 2015 hebben verkocht dan heeft u nog even de tijd om contact met ons op te nemen. Wij raden u echter aan om u niet op te laten jagen door de berichten in de media. Een bezwaarschrift in Frankrijk is geen simpele formaliteit. Er gelden vormvereisten en u moet bewijzen dat u op het moment van verkoop sociaal verzekerd was in Nederland.

Laatste nieuws inzake de onterechte oplegging van Franse sociale contributies aan inwoners van de Europese Unie

 

Op 27 juli j.l. heeft de Franse Conseil d’Etat (Raad van State) bevestigd dat Frankrijk geen sociale contributies mag opleggen ingeval van een fiscaal inwoner van Frankrijk die niet onderhevig is aan het sociale zekerheidsregime in Frankrijk. In casu betrof het de heer de Ruyter, een Nederlander woonachtig in Frankrijk, die over zijn inkomen al sociale premies betaalde in Nederland. De Conseil d’Etat volgt, geheel in de lijn der verwachting, de eerdere uitspraak van het Europese Hof van Justitie. Het moge duidelijk zijn dat deze uitspraak eindelijk zal moeten leiden tot het terugbetalen van de sociale contributies die Frankrijk onterecht heeft geheven over de Franse huurinkomsten en winsten bij verkoop van Frans onroerend goed van niet fiscaal inwoners woonachtig binnen de EU. Immers ook ingeval van niet-inwoners is er sprake van een dubbele heffing en het Europese Hof heeft aangegeven dat ingezetenen van de EU maar in één land onderhevig mogen zijn aan sociale contributies. Helaas betekent de uitspraak van de Conseil d’Etat niet dat de belastingdienst nu spontaan overgaat tot het terugbetalen. Het wachten is namelijk nu nog op een wetswijziging waarbij de heffing van sociale contributies ingeval van niet-inwoners definitief wordt afgeschaft. Wij verwachten dat deze wetswijziging voor het einde van het jaar zal plaatsvinden. Om de reeds betaalde sociale contributies terug te kunnen krijgen dient u daartoe een bezwaarschrift in te dienen en rekening te houden met het feit dat er sprake kan zijn van verjaring. Het jaar 2012 is al verjaard en de Franse belastingdienst zal zich naar verwachting ook op het standpunt stellen dat 2013 per 1 januari 2015 verjaard is. Volgens de belastingdienst kunt u nu dus alleen nog bezwaar indienen tegen sociale contributies betaald in het belastingjaar 2014. Op dit laatst genoemde punt zijn wij het niet eens met de Franse belastingdienst. Om de sociale contributies terug te krijgen dient u een formeel bezwaarschrift in te dienen. U moet daarbij rekening houden met het feit dat de Franse belastingdienst een dergelijk bezwaarschrift zal napluizen op vormfouten en het niet of onvoldoende voldoen aan de bewijslast. Het is absoluut onvoldoende om in een summier briefje te claimen dat u in de EU woont.

PLUS-VALUE EN REPRESENTANT FISCAL

Zoals u ongetwijfeld weet is de Franse plus-value belasting sinds 2012 een veelbesproken onderwerp, met name vanwege de verhoging van 15,5% voor niet-Frans ingezetenen, bestaande uit een heffing voor sociale lasten.

Het Europese Hof van Justitie heeft op verzoek van de Franse Conseil d’Etat de vraag beantwoord of inkomsten uit vermogen van ingezetenen in Frankrijk die in een andere lidstaat werken wel of niet kunnen worden onderworpen aan de Franse sociale bijdragen. Het Hof heeft deze vraag in zijn arrest C-623/13 – De Ruyter ontkennend beantwoord en dat is zéér goed nieuws.

Het geding kwam voort uit het feit dat de heer De Ruyter, Nederlands staatsburger en werkzaam in Nederland, weigerde Franse sociale premies (CSG, CRDS) te betalen over zijn inkomsten uit vermogen (in casu in Nederland afgesloten lijfrenten). In het arrest heeft het Hof nu geoordeeld dat het verbod van cumulatie van bijdrages aan een sociaal zekerheid systeem niet vereist dat er een beroepsactiviteit wordt uitgeoefend en dat dit verbod dus van toepassing is ongeacht de oorsprong van de door de betrokkene ontvangen inkomsten. Het Hof volgt daarmee de positie van de Advocaat Generaal die al concludeerde dat de toepassing van de verordening n° 1408/71, die cumulatie verbiedt, niet afhankelijk is van het wel of niet uitoefenen van een professionele activiteit. Voldoende is dat de persoon verplicht of facultatief verzekerd is tegen één of meerdere risico’s in het kader van een publieke of particuliere sociale zekerheidsverzekering.

De Franse overheid zal nu eerst afwachten tot de Conseil d’Etat formeel kennis neemt van het arrest en de uitspraak bevestigt. De uitkomst zal dus zijn dat de Franse wetgeving wordt aangepast en dat er in de volgende gevallen geen Franse sociale premies meer kunnen worden geheven :

  • Ingeval van werknemers, woonachtig maar niet werkzaam in Frankrijk, die onderworpen zijn aan een sociale zekerheid in de andere werkstaat.
  • Ingeval van niet-inwoners die met winst onroerend goed verkopen in Frankrijk.
  • Ingeval van niet inwoners die kaal onroerend goed verhuren.

Tot de wijziging van de wetgeving blijft het noodzakelijk om bezwaar te maken tegen de betaalde sociale premies. Wij zijn u hierbij graag van dienst.

Wordt de wet aangepast dan ontstaat er een geheel nieuwe situatie voor niet-inwoners woonachtig binnen de EU: omdat de winst bij verkoop van onroerend goed dan wordt belast met 19 % inkomstenbelasting en 6% surtax (in plaats van nu 34,5%). Daar komt dan nog bij dat na een bezitsperiode van 22 jaar volledige vrijstelling geldt voor de vermogenswinstbelasting.

Tevens is sinds 1 januari 2015 de verplichte fiscaal vertegenwoordiger (représentant fiscal) afgeschaft voor EU-inwoners. Ook dit levert een forse besparing van kosten op.

Niettemin blijft de bepaling van de hoogte van de plus-value binnen de 22-jaars periode een lastige indien verbouwingen kunnen worden opgevoerd, maar originele bonnen en/of betalingsbewijzen ontbreken of indien er twijfel kan zijn over de aard van de werkzaamheden. Het is dus zaak uw administratie goed op orde te houden.

plus-value belasting, SCI, Europese Erfrechtverordening

Sinds 2012 is de plus-value belasting een veel besproken onderwerp. Het betreft de heffing van belasting op de meerwaarde die wordt gerealiseerd bij verkoop van de tweede woning. Bedroeg de plus-value voor niet Frans ingezetenen tot eind 2012 19 % over een in 15 jaar af te bouwen winst, sinds begin 2013 is dit percentage verhoogd met 15,5 % over een in 30 jaar af te bouwen winst. Deze 15,5 % verhoging bestaat uit een heffing voor sociale lasten, hetgeen een storm van protesten ontketende aangezien de niet Frans ingezetene in eigen land immers ook al sociale lasten betaalt. Inmiddels heeft de Europese Commissie een procedure tegen Frankrijk aangespannen met het doel deze maatregel terug te draaien. Mocht Frankrijk haar wetgeving onder druk van de Europese Commissie moeten aanpassen dan heeft de niet Frans ingezetene die zijn woning sinds begin 2013 heeft verkocht wellicht ten onrechte de 15,5 % uit hoofde van sociale lasten voldaan. Het is raadzaam hierop te anticiperen middels het indienen van een bezwaarschrift bij de Franse fiscus, met een verzoek tot teruggave van de teveel betaalde plus-value belasting. Dit dient te gebeuren binnen twee jaar na verkoop van de Franse woning.

De plus en plus de plus-value!!

De periode die achter ons ligt wordt gekenmerkt door belangrijke belastingverhogingen in Frankrijk.

De onder president Hollande gelanceerde wijzigingen waren soms zo rigoureus dat de Conseil d’Etat er van tijd tot tijd is bijgehaald om te onderzoeken of iets al dan niet grondwettig geoorloofd was.

Voor niet-Frans ingezetenen met onroerend goed in Frankrijk zijn de veranderingen in de plus-value belasting wel de meest onaangename ingreep.

Was tot voor kort de plus-value voor niet-ingezetenen 19% over een in 15 jaar afgebouwde winst, nu is dit percentage verhoogd met 15,5% en praten we over 34,5% over een in 30 jaar af te bouwen winst, plus een opslag van 2 tot 6% over plus-value vanaf € 50.000.

Het verschil tussen de 19% en 34,5% is het percentage dat thans aan niet Frans-ingezetenen wordt doorberekend zoals aan wel Frans-ingezetenen in verband met sociale lasten, die echter voor ingezetenen ook daadwerkelijk verschuldigd zijn.

Nu plus-value een serieus item wordt is er stijgende belangstelling voor methodes om de dans te ontspringen.

Daarbij is er zo’n variëteit in casuïstiek dat een algemene regel niet aan te geven is, maar men kan zich bedenken:

  • bij overlijden is op de overgang geen plus-value verschuldigd en het bedrag waarvoor de woning in de Franse aangifte successierecht wordt aangegeven is het nieuwe startpunt voor een toekomstige plus-value heffing;
  • plus-value is alleen over de winst van een tweede huis verschuldigd, niet op de eerste woning. Een tweede huis wordt in de ogen van de Franse fiscus niet al te gemakkelijk de hoofdwoning, maar toch..!
  • Frans ingezetenen gebruiken ook nog wel de methode van schenking en (ruim) daarna verkoop. Er treedt dan eenzelfde effect op als bij overlijden. Helaas hebben degenen die in Nederland wonen ook met Nederlandse schenkingbelasting te maken, waardoor deze route niet altijd interessant is. Ook wanneer u in Frankrijk woont, maar Nederland minder dantien jaar geleden hebt verlaten, is Nederlandse schenkbelasting verschuldigd bij schenking van een Franse woning, waardoor deze route minder interessant wordt.

De vermogensbelasting is herzien:
u moet twee drempels in de gaten houden: € 800.000,– en € 1.300.000,–.
Indien uw Franse vermogen hoger is dan € 1.300.000,– gaat u vermogensbelasting betalen vanaf € 800.000,–, en wel van € 800.000 tot € 1.300.000,–: 0,50%.
Van € 1.300.000,– tot € 2.570.000,–: 0,7%, daarna tot € 5.000.000,– : 1%,
vanaf € 5.000.000,–: 1,25% en vanaf € 10.000.000,– 1,50%.

Vergeet u niet in de Nederlandse aangifte inkomstenbelasting in box 3 een beroep te doen op voorkoming dubbele heffing met betrekking tot uw Franse onroerende zaken?
Ingeval van een SCI is het voor een beroep op deze voorkoming belangrijk dat de statuten van de SCI beantwoorden aan de eisen die de Nederlandse fiscus stelt voor wat betreft fiscale transparantie.
Mocht u uw SCI-statuten eens tegen het licht willen houden dan zijn wij u uiteraard graag van dienst.

Wat niet veranderd is zijn de vrijstellingen erfbelasting en schenkbelasting: naar de kinderen geldt nog steeds een vrijstelling van €100.000,–, maar de periode tussen twee schenkingen moet nu 15 jaar zijn wil men opnieuw van de vrijstelling profiteren.

Tenslotte nog een verandering op BTW-gebied: de eerste verkoop binnen 5 jaar na aankoop van nieuw vervaardigd onroerend goed door een particulier is niet meer aan BTW onderworpen, maar aan registratierecht.

De Franse regering heeft verklaard dat men nu wel aan het eind van alle verhogingen is, er zou nu rust optreden.

Wij zullen zien, maar tegelijkertijd merkt men dat de Franse fiscus veel actiever op dossiers zit om meer te halen uit bestaande situaties:

  • zo kan men de waarde van een onroerend goed gaan herbezien en dan bij voorkeur met terugwerkende kracht;
  • het kan ook zijn dat de Franse fiscus meent dat u eigenlijk in Frankrijk woont en derhalve over uw wereldinkomen belasting verschuldigd bent. Ook deze welkomsactie kan aanvangen met een pittige aanslag.

Bovenstaande punten hoeven niet tot paniek te leiden, maar wel tot de gedachte dat men zo af in toe in alle rust zijn situatie nog eens moet overzien.

Graag zijn wij daarbij behulpzaam door het toepassen van een zogenaamde ”quisckscan” op uw plus-value situatie. Nu niet-Frans ingezetenen geen gebruik kunnen maken van de Franse sociale voorzieningen is er wellicht reden beroep aan te tekenen tegen de verplichte betaling van 15,5% sociale lasten over de plus-value. Indien u meent dat in uw geval het belang groot genoeg is om de kosten van een beroepsprocedure te maken dan kunt u contact met ons opnemen.

Tenslotte een bericht van geheel andere orde:
Heering Associates heeft de afgelopen jaren een zeer goed lopende samenwerking ontwikkeld met OrselNotariaat en wel zodanig dat enige tijd geleden is besloten dat Heering Associates samengaat met Orsel Notariaat, bestaande uit mr Jan Orsèl, notaris, en twee kandidaat-notarissen.

Heering Associates blijft onder die naam opereren met het volgende team van interne en externe adviseurs:

drs W.M.J. (Miep) van de Groenekan-Bouwman (buitenlandse hypothekendesk), mr Anneke M. Vrenegoor (adviseur grensoverschrijdend familierecht, estate planning, successierecht), mr Stanneke Lammers (advocate te Parijs, gekwalificeerd in zowel Frankrijk als Nederland), Prof mr Mathijs H. ten Wolde (adviseur internationaal privaatrecht) en mr Albert Mulder van CM-Tax Avocats (extern adviseur voor alle Franse fiscaliteit).

Ietwat aan de zijlijn zal Mr Aart D.G. Heering blijven adviseren in Frans/Nederlandse dossiers, waarin Frans onroerend goed een rol speelt.

Wij zijn ervan overtuigd dat wij u met dit team nog beter en adequater van dienst kunnen zijn !!

Plus-value en droits de mutation

Graag informeren wij u over de laatste ontwikkelingen inzake de aan- en verkoop van Frans onroerend goed.

Voor de droits de mutation, verschuldigd bij aankoop van Frans onroerend goed, is er een verandering in aantocht.
De droits de mutation worden geheven deels ten behoeve van de staat, deels ten behoeve van de lagere overheden.
Het bedrag dat deze laatste mogen heffen is op dit moment geplafonneerd op 3,8 %. Het voornemen is dit plafond in 2014 te verhogen naar 4,5%. Van deze mogelijkheid zal zeker gebruik worden gemaakt, de lagere overheden klagen immers permanent over tekorten.
De totale transactiekosten voor de koper (droits de mutation, registratierecht en notariskosten), nu nog samen hooguit
7 %, zullen hierdoor stijgen naar ongeveer 7,7 %.

Niets zo veranderlijk als de Franse wetgeving op het gebied van de plus-value. Werd per 1 februari 2012 een nieuwe regeling ingevoerd waardoor pas na 30 jaar bezit de woning zonder heffing van plus-value kon worden verkocht, nu heeft de Franse regering besloten per 1 september a.s. de bezitstermijn gedeeltelijk terug te brengen tot 22 jaar voor wat betreft de inkomstenbelasting. Inzake de heffing van sociale lasten wordt echter wel vast gehouden aan een termijn van 30 jaar.

Het gaat om de plus-value des particuliers, d.w.z. plus-value bij verkoop van niet-zakelijk, door privé-personen gehouden onroerend goed (inclusief de eigenaren van transparante SCI-aandelen), niet zijnde de hoofdwoning. Indien bij verkoop van zulk onroerend goed winst wordt gemaakt ontstaat er een heffingsgrondslag. Deze grondslag wordt gevormd door het verschil tussen de verkoopprijs enerzijds en de oorspronkelijke aankoopprijs plus kosten verbouwingen en dergelijke anderzijds. Vervolgens kan op die grondslag een vast percentage per jaar worden afgeschreven. De heffing bestaat uit een factor belasting van 19 % en een factor sociale premies van 15,5 %. Deze sociale premies zijn, anders dan vroeger, ook door niet-Frans ingezetenen verschuldigd.

Hoe ziet de gewijzigde regeling er nu uit? Bij verkoop van een woning na 1 september 2013 worden de navolgende kortingen gegeven:

  • op de plus-value voor de belastingheffing: 6% voor ieder jaar vanaf het 6e jaar tot en met het 21ste jaar dat de onroerende zaak in bezit is; in het 22ste jaar geldt een korting van 4%; na 22 jaar is geen plus-value meer verschuldigd.
  • op de plus-value voor de sociale lasten: 1.65% voor ieder jaar vanaf het 6e tot en met het 21ste bezitsjaar; voor het 22ste jaar 1.6%; vanaf het 23ste jaar 9% per jaar; na 30 jaar zijn geen sociale lasten meer verschuldigd over de vermogenswinst.
    Zie ook bijgaand schema.

Om de verkoop van tweede woningen op korte termijn te stimuleren wordt bij verkoop van een woning tussen
1 september 2013 en 31 augustus 2014 een korting gegeven van 25% over de plus-value die resteert na toepassing van de jaarlijks toegestane afschrijvingen.

De korting geldt niet wanneer wordt overgedragen aan een echtgenoot, geregistreerd partner, iemand met wie men officieel samenwoont, of aan een ouder, kind of kleinkind van de overdrager of diens echtgenoot/partner. Evenmin wordt de korting toegepast wanneer sprake is van overdracht aan een rechtspersoon waarvan de overdrager of één of meer van de hiervoor genoemde personen aandeelhouder is of wordt.

Bovenstaande maatregelen zien niet op bouwterreinen, waarop voorlopig de oude regeling van toepassing blijft.

Tot 30 jaar na de aankoopdatum blijft het dus van belang een goede administratie van het Franse tweede huis aan te houden, wetend dat de fiscus erg moeilijk gaat doen indien er geen originele facturen en bewijzen van betaling zijn.

Graag verwijzen wij naar bijgaande grafiek, aangeleverd door ons partnerkantoor Michelez & Associés in Parijs, waarin de verschuldigde plus-value over een meerwaarde van € 100.000, afhankelijk van de bezitsjaren, is neergezet in de situatie tot nu toe (blauw), tot 31 augustus 2014 (groen) en vanaf 31 augustus 2014 (rood).

Denkt u aan verkoop van het Franse bezit of aan interne verschuivingen dan is de komende periode natuurlijk zeer interessant.